(Freek Vonk) in het wild

Dinsdag spreek ik af met Annalies. Verstopt achter twee dropstandbeelden zwaai ik naar een ronddraaiend meisje in een blauwe spijkerrok. “Nu rijdt er een brandweerauto voorbij, toch? Ja! Oké, ik sta dáár!” Ik wijs en roep verbaal, in gebarentaal @pliese mijn kant op.

Mijn mountainbike leunt tegen de lantaarnpaal op het gele fietspad. Ik ben wie we zijn. Ze stelt zich voor. Een instameeting. Ivo en Jasmijn zijn onze gemeenschappelijke vrienden op Facebook. Dat komt door het LAKS (jo, Jasmijn, als je dit leest; wanneer taartdate op kantoor?) en Scholieren.com. Acht connecties verder staan we selfie in selfie met Obama. De wereld is klein.

In volgorde
Stapvoets worden we het centrum ingezogen (ieks, dat klinkt naar) en klimmen, nadat ik mijn tweewieler ondergronds de stalling in heb gewurmd, een wiebelige brug over naar het Waalstrand. Flevoland, waar Annalies vandaan komt, wordt gekenmerkd door dreven, tamme pony’s en nieuwbouwnatuur, dus Nijmegen is met haar NEC-aanhangers, woeste rivier en Four Days Marches helemaal next level spanning-en-sensaasie- dat begreep ik wel en nam het voortouw.
Lees meer »

Advertenties

Iedereen is van de wereld en de wereld is van iedereen

Mindenki a világon, és a világ mindenkié. Hongaars. Onverstaanbaar, wél betaalbaar. Vanaf Amsterdam reizen Wayne en ik via een teringlange Stau in Frankfurt naar Wenen. De bus rijdt binnen in een overdekte parkeergarage en verdwijnt achter een walm van warmte terug naar Amsterdam.

Het is hier geen hotel
Daar start het avontuur: de hitte, de klamme bagage, de zooi en de zigeuners. Ik plof neer op een bankje met internetverbinding en wacht op de derde, laatste bus naar Boedapest. De trip per grote oto (dit is een inside joke, negeer, negeer, negeer) strandt na vier uur in een klein stationnetje in het centrum van Hongarije. Onze host wacht boven één van de zevenduizend uitgangen verderop. Zijn handen zijn nat en zout als hij zijn rechter om de mijne vouwt. “Nice to meet you. Do you prefer to go to the apartment first or eh, I can let you see the city?” Maar dat is geen vraag. Ondanks de meedogenloze slapeloosheid die rond waant in mijn onderbenen, blijkt dit een absolute suggestie op voorbedachte rade: niks meer aan te doen en gaan met die banaan. Ik sjouw mijn lijf achter de zijne aan, haak af tijdens de voetbalgesprekken en leg mijn armen over de railing van de brug. Over tien minuten gaat het licht aan.
Lees meer »

Klaar

Ik ben klaar. Na zeven jaar middelbare school, drie onderwijsbuildings, duizend nieuwe klasgenootjes, twintig eindexamens en vier verschillende profielen: ik ben klaar.

September
Ik schreef over de vijf minuten van thuis tot het station, en dat alles koud geworden was. Dat het wit van de wind in mijn palmen voltrok, en dat de zomer ziek was- terminaal. Over Sandra en over Amsterdam, en dat ik een sukkel was en sukkels zijn duur. Maar dat heb je allemaal niet gelezen, want het was on-af en ik had het druk en de sog oversteeg in al haar facetten in mijn postpuberale tienerbrein.

Laatste loodjes
In maart was niet alleen mijn projectweek (aardrijkskunde, maatschappijwetenschappen én de deadline voor mijn pws), maar ook de maand waarin ik mijn opdrachten van de Kunstacademie Utrecht (HKU) ontving- die ik drie weken na dato moest inleveren in mijn tentamenweek. (U leest: StREssS.) Wenn alles paletti war, boog ik mijn hoofd over de examenstof, en viel in slaap.

Lees meer »

Pluk de nacht

Vrijdagavond stond ik op PLUK de NACHT in Arnhem. Een open air filmfestival dat short films vertoont onder het genot van ’n vaag hippiedrankje, zweetpootjes van je buurman en zonsondergang. 26 tot en met 29 augustus vindt dit evenement plaats in Utrecht. Be there! Het is leuk.

Nadat ik taartjes at met een vriendin bij Sid & Liv, trok ik richting #026. Havengebied. Rijnkade. Zoiets. Maar dan. Zeg maar. Drie kwartier lopen vanaf Oostpool. Toen ik zwom in hopeloosheid en betogend het industrieterrein de hel in sprak, kreeg ik een fietslift aangeboden (thanks!) en arriveerde op tijd bij 8Bahn Harbour.
Lees meer »